Liedekerke: geen tweede Molenbeek!

 

Het vroegere Vlaams Blok klaagde jarenlang het slechte vreemdelingenbeleid van de opeenvolgende regeringen aan. Sinds 1984 heeft men het steeds gemakkelijker gemaakt om Belg te worden. Sinds de snel-belgwet in 1999 is het verkrijgen van een Belgische pas er alleen maar gemakkelijker op geworden. De gevolgen zijn niet te overzien: tussen  1974 en 2000 verkregen 430 000 vreemdelingen de Belgische nationaliteit. Wie geen Belg wou worden kreeg toch stemrecht. In 2004 vroegen opnieuw 15357 vreemdelingen asiel aan in België... Door het spreidingsbeleid van de regering wordt ook onze gemeente geconfronteerd met de problemathiek. Eind 2004 stond ons OCMW in voor de opvang van 102 asielzoekers. 24 % van onze OCMW woningen werden toegewezen aan niet-Belgen...Sinds kort vestigen zich ook heel wat mensen van allochtone afkomst in onze gemeente. Een tiental bewoners van de Appelboomstraat en de Meersstraat trokken aan de alarmbel: de buurt wordt er onleefbaar!

De directe aanleiding van het ongenoegen is de terreur van een groepje jonge allochtonen op en rond het speelpleintje aan het begin van de Appelboomstraat. De jonge vreemdelingen, voornamelijk Franstaligen, verjagen er de Vlaamse kinderen. De Vlaamse bewoners worden er stelselmatig uitgescholden voor “slechte Vlaming”, de dames uit de buurt zelfs voor “sale pute” (vuile hoer), wie reageert wordt aangevallen. Er werden reeds ruiten ingegooid bij een buurtbewoner die de jongeren tot de orde riep. Op één april kwam het tot brutaal geweld toen een 16 jarige jongen voor de zoveelste keer werd uitgescholden voor “vuile Vlaming”. De jongen haalde er zijn grote broer bij, de 20 jarige Jimmy S..  Jimmy S werd onmiddelijk door 11 vreemdelingen omsingeld en voor de ogen van zijn moeder in mekaar geslagen. De jongeman werd afgevoerd naar het ziekenhuis.

De problemen met vreemdelingen in de buurt begonnen zowat 2 jaar geleden met afpersingen, vandalisme, bedreigingen. De voorbije maanden hebben 4 gezinnen uit de buurt hun huis verkocht omdat ze zich niet langer veilig voelen. De buurt dreigt een “getto” te worden. De voertaal wordt er meer en meer het Frans.

Als Vlaams Belang tillen wij erg zwaar aan de evolutie aan en rond het speelpleintje aan de Appelboomstraat. De burgemeester liet een kans liggen om een krachtig signaal te geven. Hij heeft het gezin dat het slachtoffer werd van racistisch geweld niet bezocht. Terwijl de hoogwaardigheidsbekleders, waaronder de koning en de Kardinaal, de deur van het delicatessenbedrijf Remmery platliepen om de zaakvoerder en zijn gesluierde werkneemster Naïma een hart onder de riem te steken, bleef het oorverdovend stil bij het gezin in de Meersstraat. De jongen werd nochthans uitgescholden omwille van zijn blanke huidskleur  voor ”vuile Vlaming“ ... Enkele dagen na de aanval werd de jongen samen met zijn vader met de dood bedreigd door één van de daders die ostentatief de kolf van een pistool aan zijn gordel liet zien... Er werd klacht ingediend voor beide feiten maar bij het bezoek van ons gemeenteraadslid Johan Daelman aan de getroffen familie op 5 mei hadden zij geen nieuws over de stand van het onderzoek...

Er zijn blijkbaar belangrijke bedreigingen en minder belangrijke... Zoals het ene racisme hard aangepakt wordt en het andere niet...

Wij eisen respect voor onze taal, voor onze eigenheid. De buurt rond de Appelboomstraat moet opnieuw een aangename, veilige woonomgeving worden. Sinds de racistische aanval zijn er meer politiecontroles en werd het rustiger in de buurt. De politiecontroles moeten blijven ook en vooral ’s nachts. Wie zich niet wil aanpassen is niet welkom en moet opkrassen!

Contactpersoon in de buurt is ons bestuurslid Henri Teirlinck. Henri is bereikbaar op GSM-nr. 0478/54 35 69.

 

 

Zo begon het ook in Molenbeek!

 

César De Sutter woont sinds 1990 in Liedekerke. César is geboren en getogen in de Brusselse gemeente Molenbeek. De problemen aan de Appelboomstraat roepen bij hem slechte herinneringen op.

César De Sutter: “50 jaar heb ik in Molenbeek gewoond. Ik ben er geboren in 1939 en heb er een gelukkige jeugd gehad. Begin de jaren ’60 kwamen de eerste vreemdelingen naar Molenbeek. Jaar na jaar kwamen er meer en meer. Midden de jaren ’70 kwamen de eerste samenlevingsproblemen. Mijn dochters werden regelmatig lastig gevallen op de bus, ze werden bespuwd en bedreigd. In bepaalde wijken kwamen de autochtonen meer en meer in de verdrukking. Sommigen verkochten hun woning en zochten andere oorden op. De woningen werden stelselmatig ingenomen door nieuwe vreemdelingen. Wij autochtone Molenbekenaars werden langzaam maar zeker vreemdelingen in onze eigen gemeente.

In 1990 vond ook ik Molenbeek als Vlaming niet langer leefbaar. Ik verkocht mijn woning en verhuisde naar het rustige Liedekerke.

Wanneer ik nu lees over de problemen aan de Appelboomstraat, dan heb ik een déjà vu gevoel.

Vandaag noemt men Sint-Jans-Molenbeek het “Klein-Marokko” van onze hoofdstad. Lees er de reportages in Het Nieuwsblad van Hind Fraihi maar op na.

Ik hoop dat de beleidsmensen in Liedekerke de problemen ernstig nemen. Liedekerke moet Vlaams en veilig blijven.”